GRIP in schema

Er zijn verschillende niveaus van coördinatie van incidenten. De opschaling gaat via de zogenoemde Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdings Procedure (GRIP) structuur. Wanneer de bestrijding van de ramp effectief is zal steeds minder coördinatie nodig zijn om de effecten te beheersen. Dan kan afgeschaald worden naar een lagere GRIP-fase. Bijvoorbeeld bij het nablussen van een grote brand is het niet nodig dat het Gemeentelijk Beleidsteam in functie is. De afschaling wordt bepaald door de hoogste leidinggevende in de GRIP-structuur. Je ziet deze structuur hieronder schematisch weergegeven.

Bij de publicaties op onze website vind je de volledige GRIP en het addendum uit 2015.

GRIP Situatie Crisisteams Bevoegd gezag
GRIP 0 Normale dagelijkse werkwijze 'motorkap' overleg plaats incident
GRIP 1 Er is gezien de aard van het ongeval coördinatie tussen verschillende hulpdiensten nodig. Ter plaatse wordt een Commando Plaats Incident (CoPI) samengesteld uit de operationeel leidinggevenden (Officieren van Dienst) van de verschillende hulpdiensten. Het CoPI staat onder leiding van de Leider CoPI, doorgaans een Hoofdofficier van Dienst (HOvD). Het CopI richt zich op de bestrijding van het incident ter plaatse (bronbestrijding) en een mogelijk gering effectgebied. CoPI = Coördinatie Plaats Incident Burgemeester
GRIP 2 Als een ongeval een effect heeft op het gebied om het incident heen, kan verdere opschaling nodig zijn. Er komt dan een Regionaal Operationeel Team (ROT) bijeen in het kantoor van Veiligheidsregio Zeeland in Middelburg. De Operationeel Leider van één van de aanwezige hulpdiensten heeft de leiding over alle aanwezige disciplines. Liaisons van andere overheden of bedrijven die ook met de bestrijding van het incident te maken hebben, kunnen ook voor het ROT worden opgeroepen, bijvoorbeeld van een energiebedrijf, van het Waterschap of van Rijkswaterstaat. GRIP 2 is de hoogste operationele opschaling, er kan dan alleen nog bestuurlijk opgeschaald worden.Een opschaling naar GRIP 2 vanwege effect op de omgeving hoeft niet altijd voort te komen uit direct zichtbare of merkbare effecten voor de omgeving. Bij grote inzet van brandweermaterieel op één locatie kan er behoefte zijn aan coördinatie met het oog op de restdekking bij branden die eventueel elders in de regio ontstaan. Een dergelijke opschaling naar GRIP 2 wil dus niet zeggen dat de brand op de bronlocatie veel groter of ernstiger wordt. ROT = Regionaal Operationeel Team, al dan niet met één of meerdere CoPI's Burgemeester
GRIP 3 Niet alleen de directe omgeving wordt beïnvloed door het incident, maar een groter gebied ondervindt de gevolgen, bijvoorbeeld een (deel van een) gemeente. Naast operationele vragen, doen zich ook bestuurlijke vraagstukken voor. De burgemeester van de getroffen gemeente komt bijeen in het Gemeentelijk Beleidsteam om op bestuurlijk niveau sturing te geven aan de bestrijding van de gevolgen van het incident. Als er zaken door de gemeente geregeld moeten worden, zoals opvang of registratie, dan worden leden van de Sectie Bevolkingszorg bijeen geroepen. GBT, ROT, al dan niet met één of meerdere CoPI's Burgemeester
GRIP 4 (gemeentegrens
overschrijdend)
Het effectgebied van de ramp of bijvoorbeeld schaarste (stroomstoring, uitvallen waterleidingnet etc) overstijgt de grenzen van de gemeente. De voorzitter van Veiligheidsregio Zeeland wordt gealarmeerd en wordt voorzitter van het Regionaal Beleidsteam. Naast (loco-)burgemeesters van de betrokken brongemeenten, zitten strategisch adviseurs van de verschillende hulpdiensten en betrokken partijen in het Regionaal Beleidsteam. Overigens betekent, net als bij GRIP 3, deze opschaling niet dat er (al) sprake is van een ramp. Ook bij een dreigend incident, zoals een vastgelopen schip op de Westerschelde dat dreigt te breken, kan GRIP 4 afgekondigd worden met het oog op de mogelijke milieu-effecten. RBT = Regionaal Beleidsteam,
ROT, al dan niet met één of meerdere CoPI's
Voorzitter Veiligheidsregio
GRIP 5 (interregionaal) Behoefte aan multidisciplinaire en bestuurlijke coördinatie bij een ramp of crisis van meer dan plaatselijke betekenis in meerdere regio's of ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, waartoe de betrokken voorzitters VR in gezamenlijkheid besluiten omdat het bestuurlijk noodzakelijk wordt gevonden. RBT's, ROT's in elke betrokken regio, al dan niet met één of meerdere CoPI's.
Voorzitters wijzen samen één coördinerend ROT aan (in principe dat van de bronregio)
De voorzitter die conform afspraak coördineert (in principe die van bronregio)
GRIP Rijk Sinds 25 april 2013 is GRIP Rijk geïntroduceerd. GRIP Rijk wordt gebruikt als er behoefte is aan sturing door het Rijk in situaties waarin de nationale veiligheid in het geding is of kan zijn. Inhoudelijk is er veel hetzelfde als bij GRIP 5, echter ligt het bevoegd gezag nu bij de ministers en een ministerieel Crisismanagementteam. ROT coördinerende regio Bevoegd gezag in algemene of functionele kolom (ministerie)

Delen op social media: